30 november 2014

ZORG WORDT BETER!

‘Waarom mag ik nou niet gewoon doen wat goed is voor meneer?’ De frustratie was hoorbaar bij de wijkverpleegkundige. Ze wil zo graag doen wat nodig is voor een man die kampt met zwaar overgewicht en daardoor de trap niet meer op kan, zichzelf niet goed kan verzorgen en steeds zwaarder lijdt onder diabetes. Wat hij nodig heeft is, naast goede verzorging, vooral gezonder eten en veel meer bewegen. En een paar trapsteunen.

 

Maar dat mag nu niet. Het Centraal Indicatieorgaan Zorg (CIZ) schrijft voor dat meneer tot 2028 (!) een half uur per dag gewassen en aangekleed wordt, meer niet. Dat is namelijk de codering die hoort bij obesitas. En trapsteunen? Dat is weer een ander formulierencircus, want dat hoort bij de gemeente, niet bij de AWBZ.

 

Dat is de zorg in Nederland. Dat kan zoveel beter.

 

Want als we niet zouden afgaan op het CIZ, maar zouden luisteren naar de wijkverpleegkundige, dan zou zij dus een heel ander ‘recept’ voorschrijven. Verzorging, maar vooral beweging en strenge hulp bij gezonder eten. De eerste tijd kost dat meer dan 30 minuten per dag, maar (ver) voor 2028 kan de zorg afnemen. Om nog niet te spreken van de diabetes. Goed voor hem, en goed voor de samenleving.

 

De kranten staan soms bol van misstanden in de zorg. Een van de minst verhaalde, maar allergrootste misstanden in de zorg is dat we jarenlang de wijkverpleegkundige in een bureaucratisch corset hebben geduwd en daarmee de belangrijkste basis onder goede zorg hebben weggeslagen.

 

Vanaf 1 januari gaan we dat dus anders doen. Dan leggen we de zorg weer in handen van hen die er het meest verstand van hebben en die er het meeste baat bij hebben: de verzorgenden en de patiënten. Zoals een huisarts afgaat op het gesprek, zijn ervaring en zijn kennis, zo zal straks ook de verpleegkundige weer haar kennis en ervaring kunnen gebruiken voor het bepalen van de juiste zorg. Geen dictaat van het Indicatieorgaan, maar een gesprek tussen mensen en een professioneel oordeel. (En een verstandige gemeente haakt hierop in, zodat de wijkverpleegkundige in een moeite door die trapsteunen kan regelen. Een kleine kostenpost, met veel winst voor iedereen.)

 

Komende jaren staan in het teken van grote veranderingen in de zorg met alle onzekerheid die daarbij hoort. Zoiets gaat nooit vlekkeloos en de komende tijd zullen we heus af en toe nog moeten bijsturen om alles goed te laten lopen. Ik snap dus alle onrust. Maar al die verandering dient een doel, een lang gekoesterde sociaaldemocratische wens: we geven de wijkverpleegkundige haar vak en daarmee de mensen hun zorg weer terug. Dat vervult mij me niet alleen met trots, maar maakt ook extra strijdbaar om dit te laten slagen, om ons ideaal te realiseren.